Kleine man Grote Tour – Jeroen de Preter – Recensie

Posted on Dec 31 2011 - 11:49am by Jan Willem

‘Kleine man, grote Tour’ is het verslag van een veertiger die zijn jongensdroom waarmaakt. Een lees- en kijkboek vol humor en heroïek, met aan het eind een reeks gouden tips voor wielertoeristen die de Tour ooit zelf willen rijden.

Hoe zwaar is de Ronde van Frankrijk? Journalist, ex-roker en koersfanaat Jeroen de Preter nam de proef op de som en verscheen één dag voor het peloton aan de start van de Tour 2011. In zijn wiel volgde Jonas Lampens, fotograaf én soigneur. Drie weken en dik 3.400 zware kilometers lang overtroffen Jeroen en Jonas alle verwachtingen. Om op 23 juli gloeiend van trots op de, Champs-Elysées te arriveren.

Jeroen de Preter (1970)
is journalist bij De Morgen. Hij houdt van koers, Bach, Beerschot, Boon en Berlijn. Jeroen heeft drie bloedjes van kinderen, een lieve vriendin en een handvol goeie vrienden. Jonas Lampens is zijn favoriete fotograaf.

Recensie: Een prachtboek!

Een recensie is per definitie subjectief. Die van mij wel, ook al probeer ik enige objectiviteit te betrachten en mijn oordeel uit te balanceren. De vraag wat je van het boek Kleine man Grote Tour vindt, is mede afhankelijk van de vraag of je geraakt wordt door het verhaal, door de schrijver en door het zotte, maar o zo fantastisch dappere plan. Ik was direct verkocht.

De eerste keer dat je het boek ter hand neemt weet je niet wat je verwachten kunt. Mooi design. Een stevig boek. Veel fraaie foto’s. Onbekende renners! Een dagboek. Je gaat lezen. Er daagt een herinnering. Heb ik niet eerder over deze onderneming gehoord? Ja. Het was bij Sporza. Vive le Vélo! Het zomeravondgevoel komt terug, hoewel de zomer toen ver weg was en het vooral regende. Je leest verder. Hoe Jeroen de Preter in januari dit jaar nog op zijn redactie wordt uitgedaagd om zelf de Tour te rijden. Telkens een dag voordat het echte peloton de etappes aflegt. Hij zegt direct ja. Maar hij is een kettingroker. Een liefhebber van het fietsen, dat wel. Maar ook een bon vivant die houdt van een pintje en meer. In zes maanden tijd mat hij zich zelf dusdanig af dat de sportartsen er gematigd vertrouwen in hebben dat het hem zal lukken. Karl Vannieuwkerke: ‘Het kan. Maar hij zal zich moeten kunnen beheersen.’ Lucien van Impe: ‘Hij krijgt een immens grote zweer op zijn gat.’ Johan Museeuw: ‘Het grootste gevaar is de slechte dag op de verkeerde plaats.’ Zelf twijfelt hij ook wel. Maar hij is dapper. Heeft goede moraal. En dan moet de Tour zelf gaan beginnen.

Grote bewondering voor zijn prestatie! Want – dat wil ik wel verklappen – het verhaal heeft een happy end op de Champs-Elysées. Veel wielertaal bezoekers zullen zich met hem kunnen vereenzelvigen. Hij doet wat velen stiekem zouden willen kunnen. Een veertiger die geleefd heeft met alle roofbouw op het lichaam van dien, die het voor elkaar krijgt om voor het Tourpeloton uit te koersen op ‘boterhammen met hesp’! Dat geeft ons toch allen hoop? Hij leeft de jongensdroom die we allemaal hebben. Je leeft met hem mee door de dagboekfragmenten, het perspectief van de vrienden, commentaren van journalisten en coureurs en de prachtige foto’s van Jonas Lampens die – blijkens het verhaal – ook nog verdienstelijk kan soigneren en masseren.

Je leeft mee en projecteert het op jezelf. Daar zit volgens mij de grote waarde van het boek. Jeroen de Preter lijkt me ’n toffe gast. Met hem zou je graag willen koersen om vervolgens op een terras te ploffen en je dorst te lessen met een blonde La Chouffe. Hij is sympathiek. Hij relativeert zich zelf. Ik heb zijn verhaal op eenzelfde wijze beleefd als De nieuwe fiets van Dirk Jan Roeleven. Ook zo’n mooi boek. Het zijn allebei bereikbare helden. Om met Kees van Kooten (Aan het hek)  te spreken…me wou dat ik u was..

De technische details, het trainingsschema en de gouden tips voor de zotten die het ook zouden willen proberen, worden netjes uiteengezet, maar bepalen het boek niet. Gelukkig niet, want de ruimte wordt gegund aan al dat moois. Complimenten voor het design. Van begin tot einde. Het is al genoemd, maar dit boek onderscheidt zich daarin en de ontwerpers verdienen die lof. Wat mij ook aanspreekt en wat de schrijver – en daarmee ook het boek – sympathiek maakt, is die heerlijke Vlaamse (wieler-)taal. ‘Uw benen gaan twee lantaarnpalen zijn.’ ‘U had ons moeten zien in dat café, gloeiend van wielergeluk.’ ‘De donder doet mijn gepijnigde achterste daveren.’ Of, ‘Het duurde geen uur of deze fiere pedaalridder was getransformeerd tot een verzopen kieken.

Mijn persoonlijke fascinatie voor een gewone man die besluit de Tour te rijden in het spoor van het echte Tourpeloton heeft – eerlijk is eerlijk – ook te maken met mijn laatste roman Moules de Zélande waarin een Zeeuwse boerenzoon in het kielzog van de Tour van ’48 rijdt. Ik moest daar vaak aan denken. Temeer omdat Vincent Luijendijk (o.a. bekend van De Grote Tourquiz en de Tour van A tot Z) mij destijds aanraadde om  ter promotie hetzelfde te doen als het hoofdpersonage van dat boek. Of wel hetzelfde te doen als Jeroen de Preter. Maar nee. Ik ben in dat opzicht maar een kleine man. Jeroen de Preter is de Grote man.

Is er dan geen kritiek mogelijk? Een minder geslaagd onderdeel? Je hebt het snel uit, maar je bladert met alle liefde weer terug. Nee, ik laat het gewoon bij deze lofzang. Prachtboek!

Verkrijgbaar in uw boekwinkel, via bol.com of  rechtstreeks bij uitgeverij Kannibaal.

Titel Kleine man Grote Tour
ISBN/EAN 9789491376023
Auteur Jeroen De Preter
Fotografie Jonas Lampens
Uitgever uitgeverij Kannibaal
Aantal pagina’s 216
Publicatiedatum december 2011
About the Author

Binnenkort verschijnt Moules de Zélande bij uitgeverij LesIles. Eind 2013 wordt verwacht het boek De strijd in het vrouwenpeloton, geschreven met Jeanine Laudy en uitgegeven door Tirion Sport.